“We gaan beginnen!”

“We gaan beginnen”. Jeroen Pauw schijnt het te roepen als hij zijn talkshow start. Wij kunnen het nu ook roepen. Onlangs twee dagen ‘op de hei’ geweest met alle Dordtse raads- en commissieleden en intern in Gewoon Dordt zijn de taken verdeeld. Gisteravond (16 april 2018) hadden we een ‘algemene leden vergadering’ en is iedereen bijgepraat over de periode tussen de verkiezingen en nu. Mijn persoonlijke blog-pagina zal van nu af aan iets meer over de lokale politiek gaan. Daarom heb ik ook de ‘header’ aangepast. Foto van mijzelf geplaatst, die gemaakt is door Wim van der Pol. Met de Damiatebrug op de achtergrond. Een stukje Dordt waar ik van houd.

Vandaag kwam de agenda binnen voor de eerste paar commissievergaderingen van de ‘Commissie Fysieke Leefomgeving’. Binnenkort komt de raadswerkgroep bijeen die zich met de ‘Omgevingswet’ gaat bezig houden. Mijn mailbox wordt steeds meer gevuld met emails vanuit de griffie. de gemeente of van organisaties die graag iets met raads- en commissieleden willen delen.

Voor mijn activiteiten voor Dordttalk betekent het dat ik nog wel bijeenkomsten met maatschappelijke thema’s blijf voorbereiden, maar dat ik geen al te zware politieke inhoud zal vormgeven. De diversiteit van het sprekers-aanbod en hun politieke kleur zal gevarieerd blijven. Daar lette ik sowieso al op. Mijn collega bestuursleden van Dordttalk, kees van Berchum en Marianne Gravendeel, zullen ook vaker de gastheer en gastvrouw zijn. Ik blijf wel graag programma’s over kunst en cultuur maken voor de lokale omroep. Op dit moment herhaalt RTV Dordrecht de twaalf afleveringen van ‘Art & Dordt’. De ambitie blijft om met Roland de Lange (Mootiv) en Marianne Gravendeel een mooi vervolg hierop te gaan maken.

Donderdagavond 19 april a.s. ben ik de gastpresentator van ‘Via Cultura’, live vanuit The Movies. Met een boeiende live-artiest, een aantal boeiende gasten en even zo boeiende onderwerpen. Het leuke is: u kunt daar gewoon live bij zijn! Kom naar The Movies. Koop een biertje of een glas wijn en beleef mee hoe live-radio vanuit The Movies wordt gemaakt.

Salonsocialisten

Het afgelopen (Paas)weekend stond er een lezenswaardig artikel van Femke Halsema in Dagblad Trouw. Halsema, ooit de reden dat ik mij aansloot bij GroenLinks. Eén van haar statements luidde dat rechts er met de linkse waarden vandoor is gegaan. Een stelling die in mijn ogen geen hout snijdt. Als er al iets gebeurde de afgelopen decennia is het dat links die waarden zelf losliet. Die tendens zette zich al in ten tijde van premier Kok. Het leidde ertoe dat Pim Fortuyn de aanval opende op de ‘puinhopen van Paars’. Zijn moordenaar bewees onze samenleving geen dienst. Het ware beter geweest als ‘Jan met de pet’ zelf had kunnen zien dat premier Fortuyn de waarheid niet in pacht had en evenmin de oplossingen voor de grote problemen kende. De moord op Fortuyn creëerde ruimte voor populisten van minder allooi, waaronder Wilders en Baudet.

In mijn woonplaats, waar de PvdA jarenlang de grootste partij was, heeft de sociaal democratie nog maar twee zetels. Het linkse smaldeel in de gemeenteraad (SP, GroenLinks, PvdA) heeft acht zetels. Evenveel als de grootste lokale partij. Die overigens bij de verkiezingen van 21 maart zes zetels inleverde. Het probleem is, dat ‘links’ elitair oogt. Salonsocialisten, wereldverbeteraars. Niet degenen die naast de boze arbeider op de barricaden staat. Al geldt voor SP-ers nog wel dat zij dat activistische in zich hebben.

‘Links’ is de aansluiting kwijtgeraakt met een groot deel van de bevolking. In een samenleving die gevormd is door mensen verliefd op macht en mensen verblind door hebzucht, zijn teveel mensen de aansluiting met de veeleisende samenleving vol vervreemdend werk volledig kwijtgeraakt. De politieke elite – links en rechts – is van die groeiende groep ontevredenen losgezongen geraakt.

Wat ‘links’ – ik heb een ongelooflijke hekel aan die kunstmatige tegenstelling tussen ‘links en ‘rechts’ die nog altijd het politieke speelveld domineert – al decennia heeft nagelaten, is een antwoord formuleren op het rapport “Grenzen aan de groei” dat door de Club van Rome in 1972 werd uitgebracht. Linkse partijen hadden de economie moeten herdefiniëren. Zij hadden ons allen voor moeten gaan in de omschakeling van een economie van kwantitatieve groei naar een economie, waarin de kwalitatieve groei leidend is. Zij hadden het accent weer moeten weten te verschuiven van ‘vermogen’ naar arbeid’; hadden inspiratie moeten putten uit de lessen van Thomas Piketty of Paul Verhaeghe. Klaver haalde Piketty als een popster naar Den Haag, schreef het boekje ‘Economisme’, maar echtte oplossingen ontstonden er (nog) niet. De vernietigende symbiose tussen ‘macht’ (politiek) en ‘hebzucht’ (grote bedrijven) is nog altijd leidend en via hen tiert het neo-liberalisme welig.

De grote verandering kwam er niet en een groot deel van onze samenleving, het arbeidspotentieel, de mensen die met ploeteren en sjacheren hun leven op orde proberen te houden, raakten meer en meer ontevreden. Zij verloren het vertrouwen in de politiek en werden ‘niet-stemmers’ of ‘proteststemmers’. Al die mensen hangt een nieuwe (economische) ramp boven het hoofd als de rekening van de energietransitie op hun bordje terecht komt. De milieubewuste elite heeft het voor zichzelf al goed geregeld. Wie voldoende bezit kan gemakkelijk investeren in wind- en/of zonne-energie. Dit kabinet kan, veel later dan wenselijk was, zeggen dat we geen gas meer zullen oppompen in Groningen; de ministers – de premier incluis – hebben geen notie van de consequentie daarvan en over de wijze waarop de rekening van dit besluit zal neerdwarrelen.

In mijn jeugd lachten we besmuikt om de voormannen van de sociaal-democratie, het waren ‘salonsocialisten’. Mensen die het zelf goed hadden en die hun sociale hart lieten spreken. Het is niet het soort zorgzaamheid waar deze tijd om vraagt. De verbinding tussen de losgezongen elite en de laag van de ontevredenen zal op een andere manier vorm moeten krijgen. Niet door populisten die in hun midden gaan staan ‘roeptoeteren’, maar evenmin een oplossing aandragen, maar door politici die niet via marketingbureaus de electorale leemtes opzoeken, maar die met lef en visie een koers durven uitzetten.

Fractie ‘Gewoon Dordt’

We hebben het toch maar maar mooi gefikst. Eén raadszetel voor Gewoon Dordt en daarmee doen wij de komende vier jaren mee in de lokale politieke arena. Irene Koene in de raad en ter ondersteuning twee commissieleden. Ook wel ‘burgerraadsleden’ genoemd. Al heb ik gewoon een hekel aan dat woord ‘burger’. Irene Koene krijgt dus ondersteuning van Marianne Hezemans en van mijzelf. Met zijn drieën vormen wij de fractie.

Maar aan alleen een fractie heeft een politieke partij weinig. Wij zullen met de dertien mensen waarmee wij amper drie maanden voor de gemeenteraadsverkiezingen ‘lijst dertien’ uit de grond hebben gestampt knoerthard moeten werken om van ‘Gewoon Dordt’ een stevige politieke partij te maken. Natuurlijk moeten wij politiek ons uiterste best doen, maar belangrijker nog is dat de inwoners van Dordrecht ons geluid gaan herkennen en waarderen. Volop werk aan de winkel dus. Mooie klus ook! Wij gaan er met z’n allen iets moois van maken.

Twijfel is essentieel

Ik sprak vanochtend een jonge, zelfbewuste vrouw die mij vertelde dat het bij haar thuis gebruik was de stempassen te verscheuren. Aan stemmen deden ze niet. Ze hadden geen verstand van politiek en ook niet de behoefte zich er al teveel in te verdiepen. Wat ze ervan zag in de media was vooral dat politici elkaar vliegen afvangen, ruzie maken, elkaars standpunten belachelijk maken en vooral hun eigen partij graag ophemelen. Dat zouden politici zich moeten aantrekken.
Politiek is inderdaad steeds vaker marketing geworden. Waar zitten de electorale ruimtes. Wie moeten we benaderen en met welke boodschap. Ik vergelijk het spottend wel eens met wasmiddelen-reclames. Het maakt de meeste mensen niet uit welk wasmiddel ze bij hun vuile wasgoed doen en het maakt hen ook steeds minder uit welke politieke partijen ze ‘in hun stadhuis stoppen’.

Partijpolitiek bevindt zich in een cruciale fase. Campagnes zijn het moment om vooral het eigen gelijk van de daken te schreeuwen. Om andere partijen de maat te nemen en waar mogelijk zo negatief mogelijk weg te zetten. Alle partijen zijn druk in de weer om ‘hun onderwerpen’ te claimen en duidelijk te maken dat je met hun oplossing het schoonst wast. Ze grossieren in zekerheden en stelligheid.

Toch is in denkprocessen en in het zoeken en vinden van oplossingen ‘de twijfel’ het krachtigste instrument dat er bestaat. Wie de twijfel durft toe te laten, komt waarschijnlijk sneller bij de best denkbare oplossing.
Nieuwsgierigheid en twijfel stellen mensen in staat vraagstukken goed te bekijken en te doorgronden. De zoektocht naar een oplossing is boeiender dan het pasklare antwoord. De handreiking naar anderen is mooier dan de ‘eenzaamheid van het eigen gelijk’.
Politiek is misschien gewoon teveel een spel van mooie woorden en loze beloften geworden. Waar het om gaat is dat het contact met de afgehaakte kiezers opnieuw tot stand gebracht wordt. Hoe? Ik weet het niet. Wat ik wel weet, is dat het een gezamenlijke inspanning vraagt van alle politieke partijen. En dat het erom gaat niet de verschillen uit te vergroten, maar de overeenkomsten te ontdekken. Nog twee weken tot aan de gemeenteraadsverkiezingen.

Nieuwe bezems

De campagne begint aardig op stoom te komen. In de enige peiling die ik in Dordrecht ken, staat ‘Gewoon Dordt’ stabiel op één zetel. Dat is gewoon te weinig. Werk aan de winkel dus, want het gezegde luidt immers: “nieuwe bezems vegen schoon”.
Met Gewoon Dordt kiezen wij voor een nieuwe politiek en voor een andere benadering van politieke vraagstukken. Het is niet zo belangrijk overal op voorhand een mening over te hebben en om een verkiezingsprogramma van veertig kantjes vol te schrijven.

Wat Irene Koene, mijzelf en de elf andere kandidaten – waarmee wij dertien prima kandidaten op lijst 13 hebben staan – beweegt, is dat wij ‘de menselijke maat’ centraal stellen. Dat wij in ieder vraagstuk willen afwegen: Waarom doen wij dit? Wat is het effect hiervan op de mensen die erdoor geraakt worden? Is dat wat we gaan besluiten redelijk, billijk en eerlijk? Onze insteek daarbij is niet dogmatisch, niet traditioneel of links of rechts. Wij zijn vooral realistisch en eerlijk op zoek naar de beste resultaten en besluiten om deze stad verder te helpen. We willen de politiek opschudden en af-en-toe een beetje op z’n kop zetten.

Als nieuwe partij is het lastig “aan de weg te timmeren”. Het campagnebudget is beperkt. We staan niet wekelijks paginagroot in ‘Dordt Centraal’, zoals ‘Beter Voor Dordt’. We hebben niet het voordeel van een bekende lettercombinatie als de ‘PVV’, een stemmenmagneet. Al heeft de PVV nauwelijks een eigen programma en kandidaten die in mijn ogen nog niet eerder hebben geprobeerd situaties te veranderen in Dordrecht.

Ik denk dat wij met ‘Gewoon Dordt’ wel een goede club mensen op de been brengen met een schat aan ervaring. Ondernemers, mensen die in het sociaal domein hun sporen hebben verdiend of die in verschillende taken en rollen bijdragen aan een socialer en leefbaarder Dordrecht. Schoon, heel, veilig en gezellig. Wij willen dat graag met alle inwoners samen vormgeven. Wij vinden het belangrijk dat mensen meer invloed krijgen op hun eigen leefomgeving en zich daar ook verantwoordelijk voor voelen.

‘Gewoon Dordt’ is een stevige nieuwe lokale partij. Op de website www.gewoondordt.nl leest u meer over ons. Ik wil dolgraag de gemeenteraad in. Om met de uitdagingen waar wij, alle inwoners samen, voor staan aan de slag te gaan. Ik kan daarbij alleen maar beloven dat ik mijn stinkende best ga doen. Wie mij een beetje kent, weet dat je mij daarop kan vertrouwen.

Inspraak en invloed

Op de dag dat de vier coalitiepartijen een streep door het raadgevend referendum zetten en Hans van Mierlo zich omdraait in zijn graf uit schaamte voor de opstelling van zijn ‘politieke kindje’ D66 werd ik op twitter opnieuw geattaqueerd door de Dordtse Partij.

Hoewel Eric Meijer mij onlangs nog vroeg ‘de strijdbijl’ te begraven, meldde het twitteraccount @078dordtse: “in Dordrecht zijn sommige kandidaat gemeenteraadsleden lid van @ppnl_dordt maar zijn vergeten wat de uitgangspunten van hun moederpartij inzake auteursrecht etc. @gewoondordt @gkleinpaste”. Een tamelijk kromme zin overigens. Ze kregen bijval van Mario popma van de ‘blanco lijst’ die mij kennelijk verwijt dat ik met mijn opstelling tegen ‘open source’ zou zijn.

Ik herhaal nog maar eens, dat ik het niet erg vind als mensen elkaars ideeën omarmen en gaan gebruiken. Dat Ton de Pan op Facebook zet dat de Dordtse Partij voor politieke vernieuwing is, juich ik toe. Ik denk dat dit onderwerp bij mij in betere handen is, maar daarover kunnen en mogen wij van mening verschillen. Mijn bezwaar tegen het feit dat Alfred Meijer mijn tekst letterlijk had overgeschreven – hij heeft dat inmiddels erkend in een artikel in AD de Dordtenaar – ligt niet in de schending van auteursrecht of in het plegen van plagiaat. Wat mij steekt is dat daar waar twee politici in spé van twee nieuwe politieke partijen aan dezelfde verkiezingen deelnemen het niet zo kan zijn dat één van hen het gedachtengoed en de letterlijke tekst van de ander jat en op zijn eigen website gaat gebruiken. Dat heeft niets met auteursrecht of al dan niet voor ‘open source’ zijn te maken. Dat gaat feitelijk alleen maar over fatsoen.

De actie van Alfred Meijer was alles behalve fatsoenlijk. Mede oprichter van de Dordtse Partij, Donnie Greve, begreep dat onmiddellijk. Voor haar blijf ik de afloop van deze ‘affaire’ triest en onterecht vinden. Ik had gehoopt dat ik het hier niet meer over hoefde te hebben. Helaas rakelt de Dordtse Partij het weer op met opnieuw een onterecht verwijt aan mijn adres. Ik rollebol niet over straat. Ik zoek geen ruzie. Maar ik laat over me lopen en ik laat het niet over mijn kant gaan dat anderen er letterlijk met mijn teksten vandoor gaan.

De verkiezingen naderen. U kunt op mij stemmen, nummer 2 van lijst 13. Als u een stem wilt uitbrengen op politiek bestuurlijke vernieuwing, meer invloed en inspraak voor inwoners en voor een eerlijke en oprechte politiek. Daar staat onze gehele lijst onder aanvoering van Irene Koene voor.

 

 

 

 

 

Alles van waarde….

“Alles van waarde is weerloos”. Gevaarlijk natuurlijk om nu met een dichtregel van Lucebert te openen. Recent verschenen er publicaties over zijn sympathie voor de nazi’s. Pijnlijk natuurlijk, maar het maakt zijn werk en deze dichtregel niet minder fraai. Ik moest aan deze dichtregel denken toen John van der Net – nummer drie op de lijst van de Dordtse VVD – mij op Facebook onder iets wat ik geplaatst had vroeg: Wie gaat dat betalen? Mijn Facebook-bericht ging over het isolement waar duizenden mensen in verkeren en waar de GGZ-instelling Antes terecht aandacht voor vroeg. Als je het aan Van der Net overlaat, ligt iedereen die niet meer mee kan komen in deze maatschappij onder de Zwijndrechtse brug.

Zo zit ik niet in elkaar en VVD-lid Irene Koene evenmin. Irene Koene begon ‘Gewoon Dordt’ en ik ben één van de twaalf kandidaten die zich daarbij aansloot. Gewoon Dordt heeft ook aandacht voor mensen die het tempo en de hardheid van deze samenleving niet kunnen bolwerken. Ons ideaal? Mensen die de verantwoordelijkheid voor hun eigen leven volledig kunnen dragen en die goed in staat zijn de regie over dat eigen leven te voeren. Soms hebben mensen daarbij een steuntje in de rug nodig. Want laten we eerlijk zijn, het aantal dak- en thuislozen in ons land is fors gegroeid. We lezen steeds vaker iets over incidenten met “verwarde mensen” en teveel mensen staan in deze maatschappij doelloos langs de kant en zijn aangewezen op een bijstandsuitkering.

Het is niet fair om mensen in de bijstand verwijten te maken, maar niets te doen om hen te helpen weer volop mee te doen in de samenleving. Met meedoen bedoel ik niet de van bovenaf opgelegde ‘tegenprestatie’. Het Rotterdamse ‘pak een bezem en ga de straat vegen’! Gewoon Dordt is voor een bijdrage aan de samenleving die in overleg met bijstandsgerechtigden vorm krijgt en die eraan bijdraagt dat iemand zijn kansen vergroot en een traject vorm geeft om de eigen kwaliteiten weer optimaal in te kunnen zetten. Daarbij wordt begeleiding geboden en inspanning verwacht.

Een ander programmapunt van ons in het “sociale domein” riep ook nogal wat vragen op. Het betrof onze opvatting ambtenaren die langdurig ziek zijn niet enorm te korten op hun inkomen. Een aantal mensen uitte kritiek en de kern daarvan was dat wij ambtenaren en voordeeltje wilden geven en mensen in de particuliere sector niet. Die laatste categorie gunnen wij echt ook goede arbeidsvoorwaarden, maar we gaan er vanuit de gemeenteraad niet over. Het is aan vakbonden en werkgevers daarover afspraken te maken en dat systeem functioneert toch heel behoorlijk in ons land. Ons punt is dat wij mensen die te kampen hebben met ziekte en die daarover de nodige zorgen hebben niet ook nog op met zorgen op financieel op te zadelen. Gewoon een eerlijke benadering van alle mensen die te kampen hebben met ziekte.

Daarbij zijn wij niet voor overheidsbemoeienis en overheidsingrijpen bij van alle en nog wat. Kern van ons verhaal is en blijft dat mensen hun eigen leven vorm geven, maar dat er een vangnet is bij tegenslag.

“Huilie Huilie”

Er was een debat in De Balie in Amsterdam. De landelijke kopstukken van diverse politieke partijen – fractievoorzitters in de Tweede Kamer – namen elkaar de maat en vertelden wat er verstandig is voor Amsterdam. Amsterdam voor de Amsterdammers zou ik zeggen en laat het debat dan alsjeblieft gaan tussen de lijstrekkers uit Amsterdam. ik begrijp niet dat er op de nationale beeldbuis en in de grote landelijke kranten zoveel aandacht was voor deze opgeklopte schertsvertoning.

Het meest ergerlijk vond ik misschien nog wel de sneer van Lodewijk Asscher in de richting van Thierry Baudet: “Wees een man, ga niet huilie huilie doen”. Kijk, ik vind die Baudet een querulant en een dandy en iemand die inhoudelijk nauwelijks iets te melden heeft. Al heeft hij een punt op het vlak van bestuurlijke vernieuwing. Daar wil ik ook een fors aantal zaken veranderen, maar ik kies voor een andere aanvliegroute. Het geroeptoeter over “partijkartel” en “baantjes carrousel” kan me gestolen worden.

In dat “huilie huilie” van Asscher zit dedain. Eerlijk is eerlijk, de kreet komt uit populistische hoek. Het was Wilders die er volgens mij ooit mee kwam. Het napraten van Wilders is een knieval voor het populisme. Dat moet je als voorman van de sociaal democratie niet willen. Je geeft er blijk van dat je kiezers die hun toevlucht zoeken bij het populisme eigenlijk ook niet serieus neemt. Ons land, de politieke verhoudingen, het gaat kapot aan populisme en polarisatie.

In Dordrecht kunnen de kiezers op 21 maart a.s. stemmen op de PVV. Het is één van de dertien deelnemende partijen. Zoals u weet, sta ik op plek 2 van lijst 13: Gewoon Dordt. Wat ik dus over de lokale politiek zeg en schrijf, is in deze periode een gekleurd verhaal. Ik ben partijdig.
Maar maakt de kiezer de PVV groot, dan reduceert diezelfde kiezer de bestuurskracht van de gemeenteraad. De partij kent weinig ervaren politici en ook nauwelijks goede oplossingen voor de problemen waar Dordrecht voor staat. Dat verwijt maak ik overigens ook de ‘Dordtse Partij’, die zichzelf graag afficheert als ‘burgerbeweging’ en iets dat van onderaf is ontstaan. De feiten liggen anders en Alfred Meijer en Eric Meijer leiden een top-down georiënteerde club met slimme, maar weinig doorleefde speerpunten. De afgelopen vier jaren heb ik Alfred Meijer niet aan de weg zien timmeren om een burgerbeweging op te bouwen.

De authentieke en geloofwaardige politici vind ik in een aantal partijen in de Dordtse gemeenteraad. Mensen die zich inzetten voor de lokale zaak. Voor hen vind ik zo’n vertoning als in De Balie eigenlijk beschamend. Het gaat op 21 maat 2018 simpelweg over de vraag wie u voldoende vertrouwt om in die Dordtse gemeenteraad te zitten. Natuurlijk hoop ik er dan op dat u Irene Koene en mij uw vertrouwen gunt. Wij vinden zelf dat we goede ideeën hebben voor de stad en dat we daar met lef en creativiteit aan kunnen werken. Maar het woord is aan u. Het woord is aan de kiezer die met het stempotlood in de hand één hokje kan inkleuren. Ik wens u een gewetensvolle en verstandige afweging.

Bloot

Ik keek er vreemd van op. Een museum in Manchester dat een prachtig schilderij van John William Waterhouse van de vaste expositie verhuist naar de kelder. Aan het oog onttrokken, want de naakte waternimfen degraderen de vrouw tot lustobject. Het schijnt een actie te zijn geweest om reacties te ontlokken en om de discussie aan te wakkeren. Was Mona Lisa naakt geweest was haar glimlach ongetwijfeld minder opgevallen.

Mijn zorg is dat er een nieuwe puriteinse, haast Victoriaanse revival gaande lijkt te zijn. Een benepen vorm van preutsheid. Even dacht ik er goed aan te doen in al mijn kunstboeken de blote vrouwen met stift een zwart BH-tje aan te doen. Met het kijken naar een uit hout vervaardigd ‘vrouwelijk naakt’ van de Dordtse kunstenaar Gerhard Lentink begaat iedere man een ernstige zonde.

Het zijn de momenten waarop ik terug verlang naar die meer ontspannen samenleving, waarin bloot geen issue was. Waarin mensen meer ruimte en gelegenheid leken te hebben om zichzelf te zijn. Dat laatste vind ik enorm belangrijk. Vrouwen die zich kunnen kleden zoals ze zelf willen zonder als lustobject gezien te worden; zonder te worden nagefloten of uitgescholden. Lesbiennes en homo’s die gewoon hand in hand over straat kunnen. Transgenders die niet met de nek aangekeken worden. Waarover geen platte, misplaatste grappen gemaakt worden in een programma dat zegt over voetbal te gaan.

In het Algemeen Dagblad verdedigde Angela de Jong de grap van René van der Gijp – met blonde pruik op de beeldbuis als “Renate” – en de lachstuip van Johan Derksen met de opmerking dat Van der Gijp en Derksen zeggen wat heel veel mensen erover denken. Zelfs als dat zo is, geldt dat niet alles wat je over anderen denkt onmiddellijk wereldkundig gemaakt hoeft te worden. Het gaat er niet om wat mensen ervan vinden of denken te moeten zeggen. Het gaat erom iedereen de vrijheid te geven en te gunnen om zichzelf te mogen zijn en om het leven in te richten zoals zij dat zelf willen zonder het mikpunt van hoon of spot te zijn.

Ben ik dan tegen harde grappen? Nee, helemaal niet. Kom er maar in Youp van ‘t Hek, Theo Maassen of ieder ander die humor tot hoofdelement van zijn of haar beroep heeft gemaakt. Kom er maar in columnisten van Nederland. Maar ‘Voetbal Inside’ zou een semi-journalistiek voetbalprogramma behoren te zijn waarin men over ‘de belangrijkste bijzaak van Nederland’ praat. Helaas zitten daar twee oude vervelende kerels die zichzelf iets te grappig vinden.

Zoals ik soms denk dat alle gedoe omtrent ‘#metoo’ iets te ver doorgeschoten is, evenals de al te benepen zedigheid. Ik vind echter ook dat de grappen en grollen over de rug van mensen die anders in het leven staan iets te ver zijn doorgeschoten. Het veroorzaakt een gevoel van onveiligheid voor anders geaarde medemensen, transgenders en zeker ook veel te vaak voor vrouwen in onze samenleving. Iedereen moet gewoon zichzelf kunnen zijn in onze samenleving. Zonder dat anderen daar vreemd van opkijken of aanstoot aan nemen. Als je daar dan toch iets van vindt, hou het lekker voor jezelf. Jij hoeft zelf niet zo te zijn of te leven; je hoeft de ander alleen maar de ruimte te bieden het leven zo te leiden als die ander dat graag wil.

Agree to disagree

Het plaatje geeft weer hoe ik mij voelde na mijn gesprek met Alfred Meijer (Dordtse Partij) onder leiding van burgemeester Wouter Kolff. Ik ben de burgemeester dankbaar voor zijn bemiddelende rol. Afgesproken is dat de Dordtse Partij binnen 48 uur de teksten van haar website verwijderd die van mij afkomstig zijn. Verder is er een ‘agree to disagree’, want Alfred Meijer heeft op geen enkele wijze een bevredigende uitleg of reactie gegeven of willen geven over het ‘knip en plakwerk’ uit een tekst die van mij afkomstig is. Dat – zo zit ik nu eenmaal in elkaar – vind ik heel vervelend.
Niemand zit echter te wachten op politici die ruzie hebben met elkaar. Ik richt mij na dit gesprek, dat voor mij voelde als ‘praten tegen een muur’, op de campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen. Ik wil in die raad namelijk graag meewerken aan een vitale en aantrekkelijke stad. Schoon, veilig, heel en gezellig.

Gewoon Dordt staat voor een eerlijke en transparante politiek. Een politiek van, voor en met de inwoners van de stad en altijd met ‘de menselijke maat’ voor ogen. Daar wil ik mij dus voor inzetten. Ik ben altijd op samenwerking gericht en ik hoop van harte dat Gewoon Dordt voldoende vertrouwen krijgt van kiezers om met een aantal zetels in de gemeenteraad te komen. Er is onder de bezielende leiding van Irene Koene een mooi team tot stand gebracht met niet alleen prima ideeën voor de stad, maar vooral met een houding en een opvatting om realistisch, eerlijk en verbindend politieke vraagstukken en uitdagingen aan te gaan. Spreek ons gerust aan op onze ideeën en onze insteek. Wij gaan dat gesprek graag aan.

Vandaag nam ik deel aan de ‘Spuiboulevard Safari’. Daar kreeg ik ongelooflijk veel energie van. Inwoners, winkeliers, ondernemers, jong en oud, mensen die willen meedenken over de stad brainstormden met elkaar over het gebied tussen de Spuiboulevard en de Burgemeester de Raadt-singel en wat daarmee zou moeten gebeuren. Ik bedankt de organisatie en alle deelnemers voor een creatieve en inspirerende dag.

Naschrift: in de zaterdagkrant AD de Dordtenaar van 3 februari jl. gaf Alfred Meijer uiteindelijk gewoon toe teksten van mij en van anderen te hebben overgeschreven. Zonder bronvermelding. Daarmee is hij toch een beetje de Willem Vermeend van Dordrecht.